Vier functies

De TransitieMotor werkt volgens het door DRIFT ontwikkelde model (lemniscaat hieronder). Transities vinden plaats middels een mechanisme, waarbij een nieuwe beweging groeit in de samenleving (door ‘sociale diffusie’ en ‘massa maken’). Tegelijkertijd groeit verbinding met het beleid door ‘institutionalisering’, bijv. door wetten en regels middels de politiek. En door slimme ‘beleidsparticipatie’ m.b.v. dappere ambtenaren. Deze vier onderdelen noemen wij de vier functies van de TransitieMotor.

lemniscaat

Institutionaliseren
Vastleggen in politieke akkoorden

De uitkomsten van de wetenschapsgroep en andere ideeën worden gebruikt om de politiek mee te benaderen. Contacten met partijen worden opgezet middels geschreven woord en dialoog. Punten als het Burgerberaad en het Ministerie van de Toekomst worden onder de aandacht gebracht. Naar de verkiezingen toe zullen evenementen opgezet en/of bezocht worden om daar het thema ‘duurzame en inclusieve samenleving op de agenda te zetten.

Sociale Diffusie
Startende initiatieven zichtbaar maken en verbinden en ‘brede midden’ betrekken
 
Hiervoor gaat o.a. een groep van wetenschappers inventariseren wat er aan grote en kleine initiatieven al is, zoekt een werkgroep naar mogelijkheden om het contact met het ‘brede midden’ te verbeteren. Ook nieuwe ideeën om de democratie te versterken (als burgerberaad) kunnen hier een rol hebben.

Beleidsparticipatie
De ‘dappere ambtenaren’ versterken

Netwerken van ambtenaren zullen worden gestimuleerd, waar uitwisseling over praktisch duurzaam en inclusief beleid kan plaatsvinden. Dwarsverbindingen met instanties als het PBL en de SER worden gelegd. Er wordt door groepen meegedacht over invulling van de kaart van Nederland op lange termijn.

Massa maken
Organisaties bundelen en (elkaar laten) versterken

Hiervoor worden o.a. landelijke transitiegesprekken gehouden, waarbij organisaties met elkaar spreken over een gemeenschappelijk thema. Ook leggen ambassadeurs van verschillende organisaties contact met elkaar en stimuleren een meer gezamenlijk benaderen van de samenleving en de politiek. Er wordt nagedacht over een project waarbij organisaties toewerken naar een gezamenlijk toekomstperspectief voor het nieuwe duurzame en inclusieve Nederland.